Oorsprong
van de
dahlia




Het plantengeslacht dahlia omvat twaalf soorten die alle inheems zijn in Midden-Amerika en met name in Mexico. Rond 1615 werden de eerste zaden naar Europa gestuurd. Maar het duurde tot 1804 vooraleer de dahlia echt geïntroduceerd werd. Zij werd genoemd naar Andreas Dahl.

Sindsdien is men bezig met het kruisen en veredelen. Daar waar de dahlia eerst slechts in botanische tuinen te vinden was, werd zij van dan af door heel Europa verspreid.

De huidige dahlia is dus een kruisingsproduct van verschillende botanische soorten en wordt Dahlia Variabilis genoemd. Variabilis betekent ˈveranderlijkˈ, verwijzend naar de grote kleuren- en vormenrijkdom.

In het uitgebreide kleurenscala ontbreken echter zwart en blauw. Vaak zijn dahlia´s tweekleurig. Ook de bloemvormen kunnen enorm verschillen. Datzelfde geldt voor de hoogte van de planten: de laagste varianten zijn slechts 20 cm hoog, terwijl de grootste tot wel 130 centimeter kunnen reiken. Er bestaan in Mexico ook boomdahlia´s die, naar het schijnt, tot aan de hemelpoorten groeien.

Bij een goede verzorging (zie verderop) zullen dahlia´s u maandenlang, van juli tot eind oktober, belonen met een overvloed aan bloemen in de bekoorlijkste vormen en kleuren.